Alcoholverbod op Duitse treinstations ingegaan na geweldsincidenten
15 oktober 2026 15:26
Snel een biertje drinken, een likeurtje shotten of schnaps achterover slaan zit er op Duitse treinstations niet meer in. Vandaag is op alle 5700 treinstations in Duitsland een alcoholverbod ingegaan. Afgelopen zomer werd de alcoholstop al aangekondigd.
Het spoorbedrijf Deutsche Bahn (DB) stelt het verbod in om de veiligheid op stations te verbeteren. In Duitsland vonden afgelopen jaar volgens DB duizenden geweldsincidenten plaats.
Een ernstig ongeluk met een treinconducteur was de druppel voor het bedrijf. Afgelopen zomer viel de conducteur uit een rijdende trein, nadat hij door een beschonken reiziger zonder kaartje in elkaar werd geslagen. De conducteur raakte zwaargewond.
Moeilijk handhaven
Het verbod op de consumptie van alcohol geldt in alle stationsgebouwen en op perrons. Er gelden uitzonderingen voor restaurants, cafés en in de treinen zelf. Hoewel DB het verbod heeft ingesteld, verkoopt het bedrijf in zijn eigen treinen wel alcohol.
Eerder waarschuwde de grootste politiebond van Duitsland al dat het verbod waarschijnlijk niet te handhaven is als er geen extra politiemensen komen. Overtreders worden in eerste instantie alleen geïnformeerd over het verbod, maar wie de situatie laat escaleren, riskeert een gebiedsverbod.
Experimenteren met alcoholverbod
Voorafgaand aan het landelijke verbod experimenteerde DB met een verbod op alcoholconsumptie op enkele stations in grote steden. Volgens het spoorbedrijf vonden daardoor minder geweldsincidenten plaats.
DB benadrukt dat het verbod ook geldt op feestdagen en tijdens grote evenementen. Een biertje drinken voorafgaand aan een voetbalwedstrijd of op weg naar Oktoberfest is daarmee op zijn minst moeilijker geworden.
Nederland en Frankrijk praten voor het eerst over samenwerking rond kernwapens
15 oktober 2026 15:11
Delegaties van Nederland en Frankrijk hebben voor het eerst overlegd over samenwerken op het gebied van kernwapens. Dat meldt het Nederlandse ministerie van Defensie. De bespreking, gisteren in Parijs, komt niet uit de lucht vallen: president Macron kondigde in maart aan in gesprek te willen gaan met een aantal andere Europese NAVO-landen, waaronder Nederland.
Nederland en Frankrijk spraken over manieren om "de Europese nucleaire en conventionele afschrikking te versterken", meldt Defensie. Verder is gesproken over de veiligheidsrelatie tussen beide landen in het algemeen.
Volgens defensieminister Yesilgöz is met het overleg een belangrijke stap gezet. "Op deze manier nemen we de verantwoordelijkheid voor onze eigen veiligheid", schrijft ze op sociale media.
De gesprekken tussen NAVO-landen zouden ertoe kunnen leiden dat Franse kernwapens worden gestationeerd in andere Europese landen. Dat gebeurt ook met Amerikaanse kernwapens: die liggen bijvoorbeeld op de Nederlandse vliegbasis in Volkel.
Afhankelijkheid Verenigde Staten
Europese NAVO-landen willen minder afhankelijk worden van de Verenigde Staten op defensiegebied. Volgens minister Berendsen van Buitenlandse Zaken blijft "de Amerikaanse nucleaire paraplu het fundament". Hij stelt wel dat Europa meer verantwoordelijkheid moet nemen voor de eigen verdediging.
Naast Nederland en Frankrijk nemen het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Polen, België, Griekenland, Zweden en Denemarken deel aan het Franse initiatief. De enige twee landen in dat samenwerkingsverband die in het bezit zijn van kernwapens zijn Frankrijk en het VK. Frankrijk breidt zijn arsenaal uit, het VK bezit een kleinere hoeveelheid kernkoppen.
Franse onderzeeërs
Frankrijk heeft vier nucleaire onderzeeërs. Daarvan is er altijd één op patrouille. Dat is om ervoor te zorgen dat op elk moment een vergeldingskernaanval kan worden gelanceerd als dat nodig is.
De Franse president is de enige die opdracht kan geven tot een kernaanval, maar hoort zich wel te houden aan het non-proliferatieverdrag waarin staat beschreven dat Frankrijk nooit als eerste een kernwapen zal inzetten.
Op de vier raketonderzeeërs is ruimte voor ballistische raketten en kernkoppen. Elke onderzeeër draagt zestien ballistische raketten, die ieder voorzien zijn van zes tot tien kernkoppen. De nucleaire wapens zijn vele malen krachtiger dan de atoombom die de VS in 1945 op Hiroshima liet vallen en kunnen doelen raken op meer dan 6000 kilometer afstand.
Harde strijd rond invloedrijkste klimaatrapport ter wereld: 'Nooit meegemaakt'
15 oktober 2026 14:52
Het is erop of eronder voor het invloedrijkste klimaatrapport ter wereld. Dat moet verschijnen voor een bepalende internationale klimaattop in 2028, maar de discussie over het moment van publiceren ontaardt in een felle politieke strijd. Het gezaghebbende VN-klimaatpanel IPCC, op dit moment bijeen in Ethiopië, piept en kraakt terwijl landen elkaar in de haren vliegen.
In het rapport, het zevende zogeheten evaluatierapport van het IPCC, bundelen honderden klimaatwetenschappers van over de hele wereld alle inzichten over de opwarming van de aarde. Het geldt als de basis van het internationale klimaatbeleid. Bovendien behoren deze IPCC-rapporten tot de weinige dingen in het gepolariseerde klimaatdebat waar zo'n beetje alle landen het inhoudelijk grofweg met elkaar over eens zijn.
In de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba overleggen de 195 lidstaten onder meer over de tijd die ze nemen voor dit nieuwste rapport. Nederland, samen met Europese landen en bijvoorbeeld kleine eilandstaten, zou het graag volgens planning in 2028 zien verschijnen. Maar landen met grote fossiele belangen, vooral Saudi-Arabië en India, proberen dat koste wat kost te voorkomen.
Want juist op de klimaattop in 2028 moeten landen beoordelen hoeveel voortgang er is geboekt om de klimaatdoelen van Parijs te halen. Daar werd afgesproken om de opwarming van de aarde te beperken tot 2 graden, en liever nog tot 1,5 graad. Voor die beoordeling is zo'n bundeling van de nieuwste inzichten van groot belang, want dan baseert iedereen zich op dezelfde en nieuwste kennis.
Altijd veel drama
Het is altijd wel steggelen en theater, vertelt klimaatexpert Leo Meyer, die al sinds 1995 betrokken is bij het VN-klimaatpanel. Ook nu, "zogenaamd gepensioneerd", voorziet hij de Nederlandse delegatie bij het IPCC onafhankelijk van advies. "Maar zo hard als het nu wordt gespeeld, heb ik in al mijn jaren nog niet meegemaakt."
Dat zegt ook IPCC-expert Kari De Pryck van de Universiteit van Lausanne. "Dit is wel zonder precedent. Er is altijd wel veel drama geweest bij het IPCC, maar niet hierover." Al zo'n drie jaar discussiëren landen met elkaar en de strijd bereikt deze week het kookpunt. Als overeenstemming uitblijft, voorziet ze problemen voor de top van 2028. "Ze hebben daar zeker wel input nodig van het IPCC."
Dikke rapporten
In hoeverre landen welbewust dit rapport uitstellen om de onafhankelijke klimaatwetenschappers in de weg te lopen, is niet in alle gevallen even duidelijk. Er zijn ook armere landen die voor vertraging pleiten omdat ze niet de mensen en middelen hebben om de dikke rapporten tijdig van commentaar te voorzien. Dat probleem speelt veel minder of niet in rijkere landen.
"Participatie en inclusiviteit is al sinds het begin een kwestie. Daar zit van meet af aan een grote ongelijkheid in", vertelt De Pryck. Arme landen, waar minder wetenschappers het doorgaans moeten doen met minder geld, hebben daardoor vaker minder input gehad en gaan nu op de rem omdat ze hun werk niet willen overhaasten.
Maar bijvoorbeeld Saudi-Arabië, dat zich ook in dit kamp schaart, staat in het wereldje bekend om "obstructie, pogingen om het IPCC te vertragen en een anti-wetenschappelijke houding", zegt De Pryck.
"Ik kan me van landen als Kenia nog voorstellen dat er iets legitiems in zit", voegt Meyer toe. "Maar Saudi-Arabië, India, Rusland en in het verlengde China omarmen het natuurlijk. Die hebben echt belang erbij om de tanden uit de IPCC-rapporten te slopen." Zeker de Saudiërs en de Indiërs gebruiken de discussie over participatie en inclusiviteit om hun fossiele industrie te verdedigen, klinkt het achter de schermen.
Politieke druk
Toch benadrukken beide experts dat de wereld zonder tijdig rapport niet in het duister tast. "Het is natuurlijk niet zo dat landen absoluut geen idee zouden hebben. Zo van: 'hé, is er een klimaatprobleem? Jeetje, laat ik vooral die IPCC-rapporten afwachten'", grapt Meyer. "Maar qua politieke druk heeft het natuurlijk wel veel invloed. Die wordt minder als je niet kan citeren uit het nieuwste IPCC-rapport."
Uiterlijk morgen hopen de landen de politieke strijd beslecht te hebben, zodat de budgetten bepaald kunnen worden en de onafhankelijke wetenschappers weten wanneer hun werk wordt verwacht. Lukt het morgen niet en moeten ze tot in het weekend door, dan is het maar de vraag of er nog genoeg vertegenwoordigers in Ethiopië zijn achtergebleven om überhaupt te kunnen stemmen.
Dierenambulance krijgt onverwachts 50.000 euro uit erfenis: 'Nooit verwacht'
15 oktober 2026 14:45
De Stichting Dierennoodhulp Flevoland is verblijd met een grote erfenis. De stichting heeft maar liefst 50.000 euro gekregen van een man die vorig jaar overleed.
Voorzitter Irma Moes van de Stichting Dierennoodhulp Flevoland had het bedrag niet zien aankomen. De stichting had vanwege Dierendag een digitale collecte voor donaties georganiseerd toen Moes werd gebeld en van een executeur het verrassende nieuws kreeg te horen.
Aanvankelijk ging Moes uit van een donatie van 100 euro. "Toen zei die vrouw: het is een veel groter bedrag." Ze moest dan ook even slikken toen het bedrag van 50.000 euro werd genoemd. "Dit hadden we nooit verwacht", vertelt ze aan Omroep Flevoland.
Dierenliefhebber
Het geld is nagelaten door Joop van der Vaart, oprichter en voormalig eigenaar van een ijssalon in Lelystad. Hij overleed begin vorig jaar op 71-jarige leeftijd. Moes kende hem niet persoonlijk, maar hij had volgens haar wel een band met de stichting.
"Joop belde regelmatig naar de meldkamer van de dierenambulance omdat er bijvoorbeeld iets was met een vogeltje dat opgehaald moest worden." Moes denkt dat Van der Vaart zag dat haar stichting goed werk verricht en dat hij daarom besloot geld na te laten.
Gestegen brandstofprijzen
De Stichting Dierennoodhulp Flevoland is verantwoordelijk voor de dierenambulance en opvang in diverse gemeenten in de provincie. Ook heeft de stichting een dierenasiel in Lelystad. Het grote geldbedrag komt volgens Moes goed van pas.
Zo helpt het enorm om de gestegen brandstofprijzen op te vangen en kan de dierenambulance langdurig ondersteund blijven. "We hebben wel met elkaar besloten dat we het bedrag uitsmeren over vijf jaar."
Ook kunnen met het geld meer dieren worden geholpen. Moes legt uit dat dieren uit de vrije natuur in tegenstelling tot zwerfdieren niet onder de verantwoordelijkheid van een gemeente vallen. De meeste kosten voor de hulp aan deze dieren betaalt de stichting daarom zelf.
Podcast De Dag: De opmars van de Houthi's
15 oktober 2026 14:18
Saudi-Arabië ligt onder vuur van de Houthi's. Na de aanvallen op het belangrijkste vliegveld van het land in hoofdstad Riyad, raken de gewapende strijders ook olie-installaties en een ander vliegveld. Vliegverkeer naar Riyad ligt nog altijd stil.
Luisteren?
Deze aflevering van De Dag luister je via NPO Luister en alle andere podcastapps. Bevalt het? Vergeet je dan niet te abonneren.
Correspondent Daisy Mohr schetst in podcast De Dag hoe de aanvallen van de Houti's de afgelopen tijd intensiveerden. Veel mensen zullen de strijdgroep kennen van het enteren van containerschepen in de Rode Zee. Maar sinds de oorlog tussen de VS en Iran zijn de mogelijkheden voor de Houthi's uitgebreid. Wie kan hen stoppen?
Reageren? Mail naar dedag@nos.nl
Presentatie & montage: Marco Geijtenbeek
Redactie: Judith van de Hulsbeek en Judith Kutschenreuter
Japanse bedrijven gaan miljarden investeren in Amerikaanse chipfabrieken
15 oktober 2026 13:30
Japanse bedrijven gaan tot 21 miljard dollar investeren in de bouw van twee chipfabrieken in de Verenigde Staten. Die worden eigendom van de Amerikaanse overheid en Japanse investeerders. Het plan is onderdeel van een grotere deal tussen Japan en de regering-Trump.
Japan investeert de komende jaren in totaal 550 miljard dollar in de VS, in ruil voor president Trumps belofte om importheffingen op Japanse goederen te verlagen. Direct na het maken van de afspraak gebeurde dat laatste al: zo ging de heffing voor Japanse auto's van 25 procent naar 15 procent. De VS heeft er wel als voorwaarde aan verbonden dat Japan de investeringen ook daadwerkelijk uitvoert.
Het beheer van de chipfabrieken komt in handen van GlobalFoundries, een grote fabrikant op de halfgeleidermarkt. Een halfgeleider is het materiaal waarvan een microchip is gemaakt. Het bedrijf verkoopt geen eigen chips, maar produceert ze voor anderen.
De bouw van de eerste fabriek moet eind dit jaar van start gaan. Het is de bedoeling dat de chipproductie dan in 2029 op gang komt. Eind 2028 wordt besloten of er daadwerkelijk een tweede fabriek wordt gebouwd.
Afhankelijk van China
Op papier is het voor Japan geen slecht idee om te investeren in de Amerikaanse fabrieken. Voor de meeste Japanse goederen geldt dat de VS de grootste afnemer is, zo ook in de halfgeleiderindustrie en bij de verkoop van chipmachines. Verlaagde importheffingen zijn dus gunstig.
Daarnaast wil Japan zich meer loskoppelen van China, het land waaruit Japan nu goedkope chips importeert. Maar bovenal wil Japan de banden met de Verenigde Staten warmhouden. Dat is belangrijk, mede omdat Japan in grote mate afhankelijk is van de VS wat betreft de nationale veiligheid.
NOS op 3 maakte een video over de spanningen tussen China en Japan:
Ook hoopt Japan dat het een beetje kan verdienen aan de investering. Idealiter kunnen fabrikanten van chipmachines in Japan hun machines verkopen aan de chipfabrieken.
Productie naar eigen land
De Verenigde Staten willen op hun beurt de chipindustrie weer meer naar zichzelf toe trekken. Daarin heeft het land de afgelopen jaren al een enorme inhaalslag gemaakt, maar naar Amerikaanse zin nog niet genoeg. De VS vreest dat de wereldwijde toeleveringsketen in Chinese handen terechtkomt.
Ondanks alle ambities is het de vraag of de eerste fabriek op tijd af komt, en of die snel kan gaan draaien. In Amerika zijn de lonen en kosten voor fabrieken hoog. Bij een soortgelijk project van het Taiwanese bedrijf TSMC, de grootste onafhankelijke fabrikant van halfgeleiderchips, liep de bouw van een fabriek in Arizona flinke vertraging op.
De Verenigde Staten willen heel graag vooruit, maar hebben niet altijd de mankracht en kennis in huis om dergelijke geavanceerde fabrieken op te starten en draaiende te houden. De afgelopen jaren besteedde Amerika dit soort taken juist uit aan landen als Zuid-Korea, Taiwan, Japan en Nederland.
Kritiek
Het is dus afwachten of de Japanse investeringen financieel duurzaam blijken. Die gedachte leeft ook bij Japanse burgers. Zij hebben kritiek op de plannen, ze zien hun geld al verdwijnen naar de VS.
Japanners hebben moeite met Trumps wispelturigheid: zij zien dat het moeilijk is om vaste afspraken te maken met de Amerikaanse president. Meer dan een kwart van de Japanners ziet de VS als de grootste dreiging voor wereldvrede.
Ook Japanse burgers willen minder afhankelijk worden van China, maar onder een groot deel van de bevolking heerst de angst dat de afhankelijkheid zich nu van China naar de VS verplaatst. Japanners zien liever dat het land investeringen gaat doen in de eigen industrie.
Hoe kan Japan miljarden investeren?
Het jaarbudget van Japan was in 2025 omgerekend zo'n 770 miljard dollar, wat maakt dat het land de mega-overeenkomst nooit zelf zou kunnen bekostigen. Daarom spoort de Japanse overheid bedrijven aan om te investeren. De overheid biedt subsidies, steun en begeleiding voor een grotere aanwezigheid op de Amerikaanse markt.
De bouw van de chipfabrieken in de VS is niet het eerste project in het kader van de recente handelsafspraken tussen Japan en de Verenigde Staten. Eerder beloofde Toyota tot tien miljard dollar te investeren in zijn Amerikaanse productiefaciliteiten.
De Japanse topman Masayoshi Son van tech-investeringsmaatschappij Softbank deed eind 2024 een gigantische toezegging: in vier jaar tijd wil het bedrijf honderd miljard dollar investeren in de VS. Dat moet zo'n 100.000 banen opleveren, gericht op kunstmatige intelligentie. De topman is miljardair en kwam in het verleden vaker op de koffie bij president Trump.


