Overlevende kindertransporten WO II: 'Niemand lijkt iets geleerd te hebben'

7 juni 2026 20:32

Bij Nationaal Monument Kamp Vught is vandaag een van de meest tragische gebeurtenissen uit de Tweede Wereldoorlog in Nederland herdacht: de kindertransporten van juni 1943. Bijna 1300 Joodse kinderen werden toen vanuit Kamp Vught, vaak samen met hun vader of moeder, via Westerbork gedeporteerd naar vernietigingskamp Sobibor.

Bij de herdenking, die sinds 1999 jaarlijks wordt gehouden, werden vandaag leerlingen van groep 7 van basisschool De Schalm uit Vught betrokken. Zij lazen de namen voor van de omgekomen kinderen. Volgens leraar Marloes van Schijndel maakte het onderwerp veel indruk.

"We hebben verschillende kinderen die er vandaag niet bij kunnen zijn omdat het echt een te zwaar beladen onderwerp is", zegt ze. Tegelijkertijd merkt ze dat veel leerlingen juist graag meer willen weten. "Heel veel kinderen zijn heel erg geïnteresseerd."

Een van de sprekers tijdens de herdenking was de inmiddels 94-jarige Amsterdammer Dolf Schaap, hij overleefde het kindertransport:

Schaap werd in 1943 samen met zijn broertje en moeder op transport gezet, maar overleefde door een smoes van zijn vader, die hij in Westerbork, waar het kindertransport een tussenstop maakte, terugzag.

Die was daar door de Duitsers als kamparts aangesteld en wist zijn gezin uit de trein te redden. Schaap hoorde pas later dat de kinderen die wel naar Sobibor werden doorgevoerd vrijwel direct na aankomst waren vermoord. "Ik heb altijd gedacht dat we de enige overlevenden waren van het transport. Er blijken nu twintig van de 1300 uit dat transport gekomen."

Lessen uit het verleden

"Veel overlevenden hebben schuldgevoelens. Dat heb ik nooit gehad, maar die periode is wel bepalend voor mijn verdere leven geweest", zegt Schaap, die pas elf jaar geleden voor het eerst sprak over zijn oorlogservaringen.

Volgens Schaap blijft het belangrijk om kinderen bij de herdenking te betrekken. "Mijn generatie is het blijkbaar niet gelukt om de lessen zo te vertalen dat dit nooit weer gebeurt. Kijk naar de wereld om ons heen. Niemand lijkt iets geleerd te hebben van de Tweede Wereldoorlog."

Kindertransporten van '43

De kindertransporten vonden plaats op 6 en 7 juni 1943. Eerst werden kinderen van 0 tot 3 jaar met hun moeders afgevoerd, een dag later volgden kinderen van 4 tot 16 jaar met een van beide ouders. De massadeportaties veroorzaakten paniek en ontzetting in Kamp Vught. Veel vaders konden niet eens afscheid nemen van hun vrouw en kinderen omdat ze te werk waren gesteld buiten het kamp.

Volgens de Duitsers gingen de kinderen weg omdat het te druk was in Vught. Het transport ging vanuit Vught via Westerbork naar vernietigingskamp Sobibor in het oosten van Polen. Vrijwel alle kinderen en hun ouders werden na aankomst in Sobibor vermoord in de gaskamers.

 

In de Ugandese stad Bundibugyo is ebola nooit ver weg: "Die naam moet weg"

7 juni 2026 20:11

De ebolavariant die nu slachtoffers maakt in het oosten van Congo draagt de naam Bundibugyo, vernoemd naar een stadje in Uganda waar het virus bijna twintig jaar geleden voor het eerst werd ontdekt. Daar vindt een deel van de inwoners dat er nu een smet op hun stad rust.

Een lange weg draait om het Rwenzorigebergte heen en kronkelt naar beneden. Achter de heuvels, dicht bij de grens met de Democratische Republiek Congo, ligt Bundibugyo. Het is een klein stadje in een landschap van bergen en valleien, waar boeren cacao verbouwen.

In het centrum ligt het Bundibugyo-streekziekenhuis, met in de achtertuin een kleine begraafplaats. "Allemaal zijn ze gestorven aan ebola", wijst dokter Deo Kamuhanda naar de verweerde grafstenen. Hij verloor vijf collega's. "Dat is het graf van onze oogarts en dat van het hoofd verpleegkunde."

In het najaar van 2007 waren er mysterieuze sterfgevallen en zieken in het hospitaal. Dokter Kamuhanda was destijds net begonnen als jonge arts. "We dachten aan malaria of tyfus, want veel symptomen zijn hetzelfde. Uiteindelijk bleek het een voorheen nog onbekende variant van ebola, die vervolgens de naam Bundibugyo kreeg. Datzelfde type is nu in Congo.

Bijna twee decennia later staat Deo aan het hoofd van het lokale ebola-noodteam. "Momenteel zijn er nog geen besmettingen in Bundibugyo, maar wel elders in Uganda. Ik denk dat het ons ook weer gaat treffen."

Tientallen overlevenden

Bij die eerste uitbraak in Uganda vielen naar schatting tegen de veertig doden, maar er waren ook tientallen overlevenden. In de lokale bibliotheek van Bundibugyo zit een groepje inwoners aan tafel. Ezekiel Kisughu zit aan het hoofd. Hij werkte als verpleger in hetzelfde streekziekenhuis, hielp de eerste patienten en kreeg zelf ook ebola. Hij noemt het een afschuwelijke, pijnlijke ziekte en keek de dood in de ogen, maar hij werd de eerste bekende overlevende van de Bundibugyo-variant.

Nu leidt hij een vereniging van tientallen ebola-overlevenden. Na hun herstel kregen ze te maken met uitsluiting. Mensen uit het kleine stadje waren bang voor hen. Ze steunden elkaar toen en nu. Want ze ondervinden nog steeds blijvende schade, zoals gezichtsverlies en hoofdpijn. En de trauma's zitten diep.

'Naam moet weg'

Dat de naam Bundibugyo in relatie tot ebola nu voortdurend op nieuwszenders te horen is, brengt die pijn weer naar boven, zegt aardrijkskundeleraar en ebola-overlevende Yamaka Swaibu. "Bundibugyo wordt de hele tijd genoemd in relatie met dood en ziekte. En deze uitbraak van ebola is in Congo begonnen. Waarom noemen ze het dan ebola-Bundibugyo? Het is absurd. We voelen ons klein en onwaardig. Die naam moet weg."

Ook de Ugandese regering is er niet gelukkig mee. En niet alleen met de naam. Volgens de autoriteiten wordt Uganda de hele tijd in een adem genoemd met Congo en wordt onvoldoende benadrukt dat de huidige uitbraak zich grotendeels bij de buren afspeelt en dat de Ugandese uitbraak veel kleiner is.

Dokter Kamuhanda haalt zijn schouders op bij de vraag of hij vindt dat er een stigma op zijn stad rust. Hij denkt juist dat het de bevolking deels beschermt dat ze de naam van hun stad nu de hele tijd horen. "Mensen hier weten heel goed wat het virus heeft aangericht, daarom zijn we nu al voorzichtiger. Zo schudden veel mensen geen handen meer. We zwaaien naar elkaar. En waar je in Congo veel wantrouwen ziet, dat mensen niet geloven dat ebola bestaat, weten we hier wel beter."

Ondertussen staat hij klaar voor wat er komen gaat, mocht het Bundibugyo-virus weer naar Bundibugyo komen. "Ik weet wat we moeten doen, ik heb ervaring." Tegelijkertijd zijn de middelen nog beperkt. Zo heeft het ziekenhuis maar vijftig beschermende pakken op voorraad. "Daar zijn we in een paar dagen doorheen. En ik denk niet dat het de vraag is of het komt, maar wanneer het komt. Maar we gaan dit overwinnen. Ik wil niet weer collega's verliezen."

Cijfers over de Bundibugyo-variant

Wetenschappers hebben de Bundibugyo-variant tot op heden minder uitgebreid onderzocht dan andere ebolavirussen. Dit type is iets milder dan andere vormen van ebola en veroorzaakt minder bloedingen, maar is nog steeds erg gevaarlijk. Het sterftecijfer wordt geschat tussen de 30 en 50 procent. Bovendien is de angst dat het virus al een tijd rondwaarde in het oosten van Congo, voordat het deze keer werd opgepikt.

Sinds de uitbraak van de Bundibugyo-variant van ebola in Congo op 15 mei 2026 zijn 452 besmettingen vastgesteld. 82 mensen zijn overleden en minstens vijf patiënten zijn hersteld.

 

Onderzoek bevestigt: grootste onderschepte cocaïnetransport ooit kwam van Jos L.

7 juni 2026 19:02

Het grootste onderschepte cocaïnetransport ooit, vorige maand ten zuiden van de Canarische Eilanden op het vrachtschip de Arconian, werd vrijwel zeker gecoördineerd door het netwerk van de veroordeelde Nederlandse drugscrimineel Jos L., ook wel bekend als Bolle Jos. Dat staat in een rapport van het Global Initiative Against Transnational Organized Crime (GI-TOC), dat onderzoek deed naar de bewegingen van vrachtschepen voor de kust van West-Afrika.

Op 1 mei van dit jaar onderschepte de Spaanse Guardia Civil meer dan 30 ton cocaïne op de Arconian, die onder de vlag van de Comoren voer en op weg was naar Libië. De omvang van de drugsvangst was weliswaar ongekend, maar uit het onderzoek van GI-TOC blijkt dat het transport allesbehalve op zichzelf staat.

Sinds 2019 is het volume cocaïne dat van West-Afrika naar Europa wordt gesmokkeld explosief gestegen. De havens in West-Afrika zijn steeds beter verbonden met de gebieden waar cocaïne wordt geproduceerd én geconsumeerd. Toch bleef het aantal onderschepte transporten op containerschepen vanuit West-Afrika in de Europese havens laag. De vraag was daarom: hoe komt al die cocaïne Europa binnen?

Bulktransporten cocaïne

GI-TOC bracht de afgelopen vijf jaar de cocaïnehandel vanuit West-Afrika naar Europa in kaart door middel van open source-gegevens en meer dan 190 interviews met onder anderen havenmedewerkers. Op basis daarvan werd in casestudy's op drie schepen ingezoomd: de Arconian, de White Eagle en de White Labeille. De schepen zijn waarschijnlijk verbonden met het criminele netwerk van Jos L.

De bulktransporten met cocaïne vertrokken vanuit opslagpunten in West-Afrika en bleven hangen voor de kusten van Marokko, de Canarische Eilanden en Spanje, voordat ze aanmeerden in havens in Noord-Afrika. Sommige schepen maakten de reis één keer, andere deden dat vaker.

In het rapport staat dat op basis van verzameld bewijsmateriaal kan worden aangenomen dat de drugs in Sierra Leone in West-Afrika aan boord van de Arconian zijn geladen om in de buurt van de Canarische Eilanden op kleinere motorboten te worden overgeladen. Zo vervoerde de Arconian meer dan 42.000 liter brandstof, bedoeld voor de motorboten. Die speedboten moesten de cocaïne aan land brengen zonder gebruik te hoeven maken van een zeehaven, zoals voorheen gebeurde.

Deze relatief nieuwe methode, die ook door andere criminele netwerken wordt gehanteerd, heeft er volgens het rapport aan bijgedragen dat grote hoeveelheden cocaïne Europa konden bereiken zonder te worden opgemerkt. Dat verklaart mede waarom de prijs van cocaïne in Europa al jaren daalt - in Nederland van 28.000 euro per kilo in 2021 tot 15.000 euro per kilo in 2025 - wat wijst op een groot aanbod. Tegelijkertijd zijn de hoeveelheden die in beslag worden genomen in de havens van Rotterdam en Amsterdam sinds 2024 gedaald.

Zo zag de grootste drugsvangst ooit, begin vorige maand op de Arconian, eruit:

Vrijwel direct na de vondst op de Arconian werd het verband gelegd met Jos L.. De drugs bleken afkomstig uit Sierra Leone, waar L. naar verluidt sinds 2022 verblijft. Het rapport concludeert op basis van getuigenverklaringen, foto's en een uitgebreide analyse van de activiteiten van het netwerk dat de Arconian en de andere onderzochte schepen werden gecoördineerd door L. en zijn netwerk. Het is waarschijnlijk dat L. deze methode in ieder geval sinds 2024 herhaaldelijk heeft gebruikt om drugs vanuit West-Afrika naar Europa te smokkelen.

De Arconian voer de afgelopen jaren geregeld tussen havens in West-Afrika. Dat veranderde in februari van dit jaar, toen het schip werd overgenomen door een bedrijf zonder scheepvaartgeschiedenis en met het hoofdkantoor in Sierra Leone. Het vrachtschip bleef daarna enkele weken in de buurt van de hoofdstad Freetown en lag vier dagen aangemeerd in de grootste zeehaven van het land, tot het op 22 april onafgebroken doorvoer richting Europa en op 1 mei door de Spaanse politie werd onderschept voor de kust van Dakhla in de Westelijke Sahara.

Op het schip zaten zeventien bemanningsleden uit de Filipijnen. Ook werden zes gewapende mannen aangetroffen - vijf Nederlanders en een Surinamer - die de drugs bewaakten. Sommigen van hen waren eerder veroordeeld in verband met cocaïnehandel en witwassen. De Guardia Civil ontdekte een metalen deur die toegang gaf tot een lange gang die vol zat met balen cocaïne.

De omvang van de onderschepte lading wijst er volgens het rapport op dat de criminelen zich veilig waanden en dat er eerder mogelijk succesvolle transporten zijn geweest.

Afrika-correspondent Maurice Lede:

"De groeiende rol van West-Afrika als doorvoerhaven van cocaïne naar Europa is ook in de regio zelf alarmerend.

Dat zulke grote hoeveelheden drugs worden verplaatst heeft gevolgen voor de volksgezondheid. Zo lieten eerdere rapporten al zien dat er een toename is van drugsmisbruik, terwijl zorgsystemen daar onvoldoende op ingericht zijn.

In Sierra Leone leidt het tot diepe bezorgdheid dat de Arconian met zoveel drugs en wapens aan boord uit de hoofdstad Freetown kon vertrekken. Na de grote drugsvangst schreef Abdul Kargbo, leider van de grootste oppositiepartij in Sierra Leone, een open brief aan president Julius Maada Bio waarin hij waarschuwt dat deze ontwikkelingen een bedreiging vormen voor het imago en de diplomatieke positie van het land, evenals voor de interne veiligheid en economische vooruitzichten."

 

Twee doden bij Israëlische aanvallen Beiroet, Trump wil Libanon buiten Iran-deal

7 juni 2026 17:51

Israël heeft vanmiddag nieuwe luchtaanvallen uitgevoerd op de zuidelijke buitenwijken van de Libanese hoofdstad Beiroet. Volgens Libanese staatsmedia zijn daarbij zeker twee mensen omgekomen.

Volgens een gezamenlijke verklaring van de Israëlische premier Netanyahu en defensieminister Katz waren de aanvallen gericht op een "terroristisch commandocentrum" van Hezbollah. De aanvallen zouden een reactie zijn op projectielen die eerder vandaag door Hezbollah vanuit Libanon op het noorden van Israël zouden zijn afgevuurd.

Het Israëlische leger claimt de lanceerinstallaties waarmee die raketten werden afgevuurd te hebben ontmanteld. In Beiroet zouden door de Israëlische aanvallen minstens drie explosies zijn gehoord.

Twee doden, elf gewonden

Libanese media melden dat zeker twee gebouwen zijn geraakt en minstens twee mensen zijn gedood. Er zouden ook elf gewonden zijn.

Daarnaast werden aanvallen gemeld in de Zuid-Libanese stad Tyrus, waar Israël eerder vandaag een evacuatiebevel voor uitgaf.

De aanvallen komen op een gevoelig moment. Sinds donderdag geldt een nieuw staakt-het-vuren tussen Israël en Libanon, na Amerikaanse bemiddeling. Dat akkoord staat alweer onder hevige druk. Gisteren kwamen bij een Israëlische aanval op een Libanees legervoertuig meerdere militairen om het leven.

De strijd tussen Israël en Hezbollah in Libanon is een van de belangrijkste punten in de onderhandelingen tussen de Verenigde Staten en Iran over een einde aan de oorlog in Iran, die vandaag precies honderd dagen geleden begon. Teheran heeft bij herhaling gezegd dat een einde aan de Israëlische aanvallen in Libanon een integraal onderdeel is van een eventueel vredesakkoord.

De Amerikaanse president probeerde de afgelopen dagen juist te voorkomen dat de strijd in Libanon de onderhandelingen met Iran zou ondermijnen. Volgens nieuwssite Axios, die zich baseert op twee bronnen, viel hij vijf dagen geleden in een telefoongesprek flink uit tegen Netanyahu, toen Israël dreigde de aanvallen op de zuidelijke buitenwijken van Beiroet te hervatten. Begin deze week verkondigde Trump nog dat Israël niet zou oprukken naar Beiroet en dat Hezbollah zou stoppen met aanvallen.

Trump: Libanon geen onderdeel Iran-deal

Des te opvallender is dat Trump in een vandaag gepubliceerd interview met NBC - dat vrijdag al werd opgenomen - zegt dat Libanon wat hem betreft geen onderdeel hoeft te zijn van een kortetermijnakkoord met Iran. Ook herhaalt hij, zoals hij al vaker deed, "heel dicht bij" een akkoord met Teheran te zijn.

Verder zei Trump niet van plan te zijn om Iraanse tegoeden vrij te geven of sancties op te heffen voordat een deal met Teheran is gesloten. Volgens Trump zijn zulke stappen pas daarna aan de orde, als Iran zich aan de afspraken houdt.

De president meldde ook dat de VS het hoogverrijkte uranium van Iran zal verwijderen en vernietigen als er een akkoord komt. Dat kan volgens hem met medewerking van Teheran, maar desnoods ook zonder. Amerikaanse troepen blijven voorlopig in de regio "tot de zaak is afgerond", aldus Trump.

 

Gazaanse verslaggever ondersteunt vanuit Nederland Palestijnse collega's

7 juni 2026 17:00

Tweeënhalf jaar lang versloeg Hisham Zaqout als journalist de oorlog in Gaza. Hij is nu in Nederland om met zijn ervaring journalisten in conflictgebieden te helpen.

Dat doet hij door onderzoek te doen doen naar de overlevingsstrategieën van Palestijnse journalisten. Daarvoor kreeg hij een beurs van onderzoeksinstituut NIAS, dat een speciaal programma heeft voor onderzoekers uit oorlogs- en conflictgebieden.

Zaqout kwam in februari naar Nederland. Hij is een van de drie Gazanen die via de rechter probeerde af te dwingen dat het ministerie van Buitenlandse Zaken hem zou helpen om zijn visum op te halen. Dat lag klaar in Jordanië, maar zonder hulp kwamen de drie Gaza niet uit. De bestuursrechter oordeelde dat Nederland hen niet hoefde te helpen.

Op Zaqout had die uitspraak geen effect meer, hij was net in Nederland aangekomen met hulp van Qatar. Zijn werkgever Al Jazeera heeft in de Qatarese hoofdstad Doha zijn hoofdkantoor.

Nooit gedacht aan stoppen

Zeventien jaar werkt Zaqout voor de Arabische nieuwszender, de laatste 2,5 jaar vanwege de oorlog van Israël tegen Hamas onder zeer moeilijke omstandigheden.

"Als correspondent maakte ik reportages en deed ik veel live verslag. We hadden geen kantoor meer. Mijn collega's en ik woonden in tenten en hadden vaak geen toegang tot schoon drinkwater, eten, genoeg benzine of een auto die werkte. Ondertussen werden we door het Israëlische leger aangevallen," vertelt hij.

Dertien van zijn ruim dertig collega's kwamen om het leven. Volgens de Verenigde Naties zijn er sinds het begin van de oorlog in Gaza bijna 300 journalisten vermoord.

Aan stoppen heeft Zaqout nooit gedacht. "Ik had geen keuze, we konden niet weg. Dus dan doe je wat wel kan en dat is werken. Het is de enige manier waarop we de rest van de wereld konden laten zien wat hier gebeurde."

Behalve dat hij met het verlies van collega's te maken had, verloor hij 120 familieleden. Dat zijn naasten, maar ook verre familieleden. Familie die het overleefde, heeft hij in Gaza moeten achterlaten. Zijn vrouw en kinderen konden wel samen met hem Gaza te verlaten, zij wonen in België.

Helpen op afstand

Hoewel Zaqout niet meer in Gaza is, probeert hij zijn collega's waar hij kan vanuit Nederland te ondersteunen. "Veel van de apparatuur die ze gebruiken is beschadigd of werkt niet meer. Ze gebruiken hun mobiele telefoons om verslag te doen. Ik help ze om technologische problemen die ze hebben op te lossen."

Ook schrijf hij nieuwsartikelen of reportages over Gaza. "Ik ben op een veilige plek, ik heb hier alles wat ik nodig heb. Ik werk nog steeds in Gaza, maar op afstand." Hoewel hij van zijn werk hield, mist hij het niet. Zijn collega's mist hij wel. "Ik leefde 2,5 jaar met hen. Mijn collega's zijn niet enkel mijn collega's. Ze zijn mijn vrienden."

Sinds 10 oktober 2025 geldt er een staakt het vuren in Gaza. Toch betekent dat volgens Zaqout dat er voor zijn collega's weinig is veranderd. Ze wonen nog steeds in tenten, hebben geen kantoor en hebben nog dagelijks met bombardementen te maken.

Journalisten zijn doelwit

De ervaring die hij als journalist in Gaza heeft opgedaan, probeert hij nu in te zetten om collega's in conflictgebieden te helpen. Vijf maanden lang doet hij onderzoek bij het NIAS. Hij krijgt er gedurende zijn onderzoeksperiode onderdak, een kantoor, een beurs en hij heeft veel contact met Nederlandse en internationale onderzoekers die hier ook tijdelijk zijn.

Zaqout onderzoekt hoe het journalisten in Gaza lukt om, ondanks pogingen om hen het zwijgen op te leggen, toch verslag te doen en te overleven. Hij hoopt uiteindelijk te kunnen helpen de handleiding voor journalisten in conflictgebieden van de International Federation of Journalists te actualiseren.

"Toen ik op de universiteit zat, leerden we over de handleiding, die bevat veiligheidsprotocollen. In Gaza werken die niet. Niet alleen burgers, maar ook journalisten werden aangevallen. Wat doe je dan?

Onderdeel moet zijn hoe je als journalist overleeft wanneer je wordt aangevallen en niet aan je basisbehoeften kunt voldoen, maar ook hoe je schrijft, filmt en live verslag doet met je mobiele telefoon. Welke applicaties handig zijn en hoe nieuwsredacties daar beter op ingericht kunnen worden."

Eind juli zit zijn tijd in Nederland erop. Als journalist krijgt hij naar eigen zeggen geen toestemming om terug te gaan naar Gaza. "Ik was correspondent en dat werk wil ik voortzetten. Al Jazeera heeft verspreid over de wereld meer dan 100 kantoren. Ik ga daar werken waar ik nodig ben."

 

Zeker 360 door Boko Haram ontvoerde Nigerianen bevrijd door het leger

7 juni 2026 16:53

Het Nigeriaanse leger heeft zeker 360 mensen bevrijd die waren ontvoerd door terreurorganisatie Boko Haram. Het gaat vooral om vrouwen en kinderen die vanuit verschillende gemeenschappen in het land waren ontvoerd. Ze zaten vast in de staat Borno in het noordoosten van het land.

De reddingsoperatie vond plaats in de bergen van Mandara. Meerdere teams van het leger zijn het bolwerk van Boko Haram vanuit verschillende hoeken binnengedrongen om de ontvoerde inwoners te bevrijden.

Twee baby's waren ernstig verzwakt door hun gevangenschap en hebben de reddingsoperatie niet overleefd, zegt een woordvoerder van het leger. De andere mensen die werden gered zijn volgens hem succesvol geëvacueerd en worden nu medisch onderzocht.

De woordvoerder zegt dat de reddingsoperatie "een flinke klap is" voor de terreurgroep. Volgens een Nigeriaans medium hebben verschillende Boko Haram-strijders zich overgegeven, anderen zouden de bergen zijn ingevlucht. Of er mensen zijn omgekomen bij de bevrijdingsactie, wordt niet gemeld.

Gewapende ontvoeringen

Boko Haram is een islamitische groepering die sinds 2009 actief is en een kalifaat wil stichten in het noordoosten van Nigeria. De terreurgroep werd breed bekend nadat die in 2011 een gebouw van de Verenigde Naties in de Nigeriaanse hoofdstad Abuja had aangevallen. Een vrachtwagen vol explosieven reed het gebouw binnen, waarna deze ontplofte. Daarbij kwamen tientallen mensen om het leven.

In het noorden van Nigeria zijn ontvoeringen een groot probleem. Naast aanvallen die de terreurgroep geregeld uitvoert, gaat de regio gebukt onder gewapende criminele bendes die met ontvoeringen geld willen verdienen.

Daarbij worden vaak tientallen mensen meegenomen, om vervolgens losgeld te eisen voor hun vrijlating.

 


Copyright © 2006-2026 - www.ramonpieper.nl