Vrouwelijke rechters gediscrimineerd, kregen lager salaris dan mannen voor hetzelfde werk
5 maart 2026 13:13
De overheid heeft vrouwen gediscrimineerd die begonnen aan de opleiding tot rechter, oordeelt het College voor de Rechten van de Mens. Zij kregen een lager salaris dan hun mannelijke collega's, terwijl ze hetzelfde werk doen.
Volgens het College komt dat door het beloningsbeleid dat de Staat voerde van 1994 tot 2023. Mensen die aan de opleiding tot rechter begonnen, kregen daarbij de vraag wat hun laatstverdiende salaris was. Op basis daarvan werd hun startsalaris bepaald. Volgens het College ontstond er daardoor een verschil tussen mannen en vrouwen, omdat vrouwen gemiddeld een lager salaris hebben.
Ook zijn er bijvoorbeeld grote verschillen tussen wat mensen uit de sociale of commerciële advocatuur verdienen. Dat leidt er volgens het College ook toe dat er makkelijk grote verschillen ontstaan als ze een stap maken naar de rechterlijke macht.
Loon 3,5 procent lager dan mannen
Uit een onderzoek in 2023 naar de verschillen in beloning van rechters in de opleiding is ook gebleken dat vrouwen gemiddeld een 3,5 procent lager startsalaris krijgen dan hun mannelijke collega's. Het College vindt daarom dat er een vermoeden is van onderscheid op grond van geslacht.
De Staat beargumenteerde dat de manier om het startsalaris te bepalen "deugdelijk, transparant en in overeenstemming met sociale partners is gevormd". Het College is het met de Staat eens dat de methode een geschikt middel was om geschikte nieuwe rechters aan te trekken. "Maar een middel is pas noodzakelijk als het doel niet met andere, minder onderscheid makende middelen kan worden bereikt."
Nieuwe methode
De uitspraak gaat over een oude methode om het startsalaris te bepalen. Inmiddels heeft de Staat een ander inschalingsbeleid ingevoerd bij de opleiding tot rechter. Er wordt nu dus niet meer gevraagd naar het laatstverdiende loon. Het College roept de Staat op om te kijken of rechters compensatie kunnen krijgen, maar kan de overheid niet dwingen om dat te doen.
De zaak was door een stichting bij het College voor de Rechten van de Mens neergelegd. Daarnaast waren ook drie individuele rechters naar het College gestapt.
Ook in deze drie individuele gevallen vond het College dat vrouwelijke rechters een ongelijke beloning kregen. "Zo ontving in een van de gevallen de mannelijke collega maandelijks bruto 1914,65 euro meer dan de vrouwelijke collega voor gelijkwaardig werk, terwijl zij nagenoeg dezelfde werkervaring hadden", schrijft het College in de uitspraak.
Weer grote stroomstoring in Cuba, reparatie gaat dagen duren
5 maart 2026 13:07
In Cuba zitten miljoenen mensen zonder stroom. Onder meer hoofdstad Havana is opnieuw getroffen door een stroomstoring die gisteren begon. Volgens de nationale elektriciteitsmaatschappij UNE ligt het probleem bij een van de grootste elektriciteitscentrales van het eiland.
Dat in het communistische land regelmatig de stroom uitvalt is niets nieuws, maar deze stroomstoring treft een groot deel van het eiland en het oplossen van alle problemen gaat dagen duren.
De stroom valt volgens de autoriteiten geregeld uit doordat sommige centrales al meer dan 30 jaar oud zijn en weinig onderhoud krijgen vanwege de hoge kosten daarvoor. Door Amerikaanse sancties is het ook niet mogelijk om nieuwe apparatuur en gespecialiseerde onderdelen te komen. Economen zeggen dat er door de staat te lang te weinig geïnvesteerd is in de energiesector.
Lek in ketel
De problemen in Cuba zijn verergerd sinds de VS begin januari de olietoevoer van Venezuela naar Cuba stopzette. Venezuela leverde ongeveer de helft van de brandstof voor Cuba. Andere landen mogen van de VS ook geen olie meer leveren aan het land.
Staatsmedia melden dat deze stroomstoring is veroorzaakt door het uitvallen van de energiecentrale Antonio Guiteras ten oosten van Havana na een lek in een ketel. Daar moet personeel nu eerst vinden wat er precies stuk is, voordat het gerepareerd en opnieuw opgestart kan worden.
Nina Jurna, correspondent Latijns-Amerika en Suriname:
"Deze stroomstoring waarbij twee derde van het eiland mogelijk dagenlang zonder stroom zal zitten is de zoveelste klap voor de Cubanen, die al lange tijd vooral bezig zijn met overleven.
Het eiland raakt vanwege de afgekondigde olieblokkade door Trump in een steeds grotere humanitaire en economische crisis, met grote gevolgen zoals een opstapeling van bergen afval, een voedselcrisis en grote problemen in de gezondheidszorg.
De Venezolaanse olie was altijd de grote levensader voor Cuba, maar die toevoer stopte na de Amerikaanse invasie en ontvoering van Maduro. Andere landen die proberen olie te verkopen aan Cuba worden door Amerika met sancties bedreigd.
Het doel van Trump is het eiland zo ver af te knijpen dat het Cubaanse regime op de knieën gaat met als doel een regime change. Dat proberen de Amerikanen al voor elkaar te krijgen sinds de Cubaanse revolutie in 1959 door Fidel Castro toen de door de VS gesteunde dictator Fulgencio Batista werd verdreven.
Ondertussen is er naar schatting nog maar voor een paar weken aan olie op het eiland waardoor de situatie alleen maar nijpender zal worden''.
Het elektriciteitsbedrijf zegt dat het getroffen gebied groot is, van de stad Pinar del Rio in het westen tot de stad Camaguey in het midden van het eiland. Volgens de overheid is er inmiddels geregeld dat kritieke infrastructuur weer stroom heeft, zoals ziekenhuizen. Het is de tweede grote stroomstoring in Cuba in drie maanden tijd.
Persbureau AP sprak met een 66-jarige vrouw in Cuba die inmiddels wel gewend is aan alle stroomstoringen op het eiland. Ze is ook gewend dat de stroom 's avonds meestal wel weer aangaat.
Toen haar verteld werd dat deze stroomstoring groter is en langer gaat duren, reageerde ze verontrust. "Mijn god, tot wanneer? Dan eten we niet. Dan zullen we brood moeten eten."
Ondertussen proberen ze er in Cuba maar het beste van te maken:
Sluiting azc Hardenberg op de tocht, COA kan bewoners niet elders onderbrengen
5 maart 2026 13:00
Een azc en een noodopvang in Hardenberg (Overijssel) zouden komende zondag na tien jaar moeten sluiten, maar dat gaat mogelijk niet lukken. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) zegt er niet in te slagen om op tijd ergens anders opvang te vinden voor een deel van de bewoners.
De geplande sluiting van het azc en de noodopvang is komende zondag 8 maart. Op die dag lopen de contracten en vergunningen van beide locaties af. De gemeente Hardenberg noemt het dreigende uitstel van de sluitingen onacceptabel en eist dat de locaties zondag sluiten, schrijft RTV Oost.
Landelijke opvang vol
Het COA zegt in een reactie geen andere mogelijkheid te zien dan de locaties in Hardenberg langer te gebruiken, "om te voorkomen dat mensen op straat komen te staan". Het opvangorgaan zegt dat de landelijke opvangcapaciteit voor "ruim 103 procent" vol zit. Daardoor is nergens ruimte om de bewoners uit Hardenberg op te vangen.
In het azc worden sinds 2016 maximaal 750 mensen opgevangen. Sinds 2022 is er ook plek voor honderd asielzoekers op een bungalowpark in het nabijgelegen Loozen. Het COA zegt dat vandaag nog ongeveer 700 mensen op beide locaties verblijven.
'Afspraak is afspraak'
Volgens de gemeente heeft het ministerie van Asiel en Migratie gisteravond laten weten dat het niet lukt om alle bewoners voor zondag te verhuizen. Het is ook niet duidelijk wanneer dit wel gebeurt.
Wethouder Alwin Mussche, die over de opvang van vluchtelingen gaat, zegt dat de sluiting al was vastgelegd. "Afspraak is afspraak. Wij gaan ervan uit dat er op 8 maart 2026 geen bewoners meer aanwezig zijn in beide locaties."
De gemeente zegt op te treden als het COA beide opvanglocaties na zondag nog in gebruik heeft. De gemeente besluit maandag hoe dat gebeurt. Zo zou de gemeente het COA een dwangsom kunnen opleggen, net als bij het aanmeldcentrum in Ter Apel, maar daar is volgens een gemeentewoordvoerder nog geen besluit over genomen.
Oproep aan minister
Wethouder Mussche roept asielminister Van den Brink op om zo snel mogelijk voor andere opvang te zorgen. "Wij hebben een lange periode ruimhartig bijgedragen aan de opvang van asielzoekers. Daarmee hebben we onze verantwoordelijkheid genomen."
"Onze inwoners moeten erop kunnen vertrouwen dat ook het Rijk en het COA hun verantwoordelijkheid nemen en gemaakte afspraken nakomen."
Portugese schrijver António Lobo Antunes (83) overleden
5 maart 2026 12:57
In Portugal is schrijver António Lobo Antunes overleden. Hij was een van de belangrijkste hedendaagse Portugese schrijvers, met een oeuvre van meer dan veertig boeken. Het grootste deel daarvan bestaat uit romans, maar Lobo Antunes publiceerde ook meerdere essaybundels en enkele non-fictietitels.
Ook buiten Portugal had Lobo Antunes een grote schare lezers. Hij geldt als een van de meest vertaalde Portugese auteurs van zijn generatie, ook naar het Nederlands. Ongeveer 24 van zijn boeken verschenen in Nederlandse vertaling.
Zijn leven begon in Lissabon in 1942. Hij studeerde geneeskunde en specialiseerde zich tot psychiater, een vak dat hij enkele jaren uitoefende. Zijn kennis van de menselijke psyche zou later een een belangrijke pijler worden in zijn werk.
Maar het waren zijn ervaringen in 1973 als legerarts tijdens de koloniale oorlog van Portugal in Angola die de inspiratie vormden voor zijn eerste boek. Memória de Elefante uit 1979 gaat over een ex-militair die zwaar getraumatiseerd terugkeert uit Angola en zijn weg vindt als psychiater.
Literaire doorbraak
Het autobiografische boek markeerde zijn doorbraak en had meteen invloed op Portugal, dat in een enorme transformatie zat na de Anjerrevolutie van 1974. Het land kreeg veel meer vrijheid na veertig jaar militaire onderdrukking. Voor intellectuelen als António Lobo Antunes ontstond ruimte om een heel nieuwe manier van schrijven te ontdekken. Zijn werk was vaak poëtisch, provocerend en politiek.
Ook zijn tweede boek, Os Cus de Judas, ging over Portugals koloniale verleden en werd opnieuw een succes, nu ook buiten Portugal. Zijn internationale doorbraak was misschien wel mede aan Nederland en België te danken. De kus van Judas verscheen hier in 1980 als een van de eerste vertalingen. Vlaamse en Nederlandse critici schreven er lovend over.
Lobo Antunes combineerde zijn schrijverschap tot 1985 met zijn werk als psychiater. Daarna legde hij zich volledig toe op het schrijven.
Sluitstuk
Het succes hield aan en Lobo Antunes won in eigen land vrijwel elke literaire prijs. Ook daarbuiten werd hij veelvuldig onderscheiden. De belangrijkste literaire prijs, de Nobelprijs voor Literatuur, won hij nooit, hoewel hij vaak werd getipt door kenners.
Vorig jaar verscheen zijn laatste roman, zijn 32ste. De omvang van de wereld wordt door critici gezien als het sluitstuk van zijn literaire carrière. Het boek gaat opnieuw over de thema's die hij veelvuldig onderzocht: de complexiteit van menselijke relaties, de sporen van het verleden en de onontkoombaarheid van herinnering.
Iran zegt Koerden in noordwesten aan te vallen, raketaanval op hoofdkwartier in Irak
5 maart 2026 12:30
Iran heeft Koerdische milities aangevallen die van plan waren de grens in het westen van het land over te steken. Dat zegt het Iraanse leger. Er zijn onder meer raketten neergekomen op een hoofdkwartier van de Koerdische troepen in buurland Irak.
Gisteren meldden Amerikaanse en Israëlische media dat Koerdische milities een grondoffensief waren begonnen in het noordwesten van Iran. Het zou gaan om duizenden Koerdische strijders. Iran valt nu milities aan in Irak, die het regime in Teheran 'separatistische groepen' noemt.
In het noordoosten van Irak zijn volgens de BBC verschillende Koerdische bases geraakt met ballistische raketten. Daarbij zouden zeker een dode en drie gewonden zijn gevallen.
De regering van de autonome Koerdische regio in het noorden van Irak ontkent intussen dat die betrokken is bij plannen voor de bewapening van Koerdische strijders om Iran aan te vallen, zegt een woordvoerder.
Sander van Hoorn, verslaggever in Qatar:
"In het noordwesten van Iran woont een Koerdische minderheid die eigenlijk een geheel vormt met de Koerden in het noordoosten van Irak, in het grensgebied van die twee landen. De VS wil dat het regime in Teheran valt, maar het wil geen Amerikaanse troepen in Iran. Dus moet het Iraanse volk dat zelf doen. Dat kan de Iraanse bevolking zijn, maar het kunnen ook Iraanse minderheden zijn.
Zo is de VS terechtgekomen bij de Koerden. Dat ligt ook voor de hand, want in Irak en Noord-Syrië hebben de Amerikanen al vaker met hen samengewerkt, en hebben ze Koerdische strijders ook al vaker bewapend.
Wat zou kunnen is dat die samenwerking er nu ook is in dat grensgebied tussen Irak en Iran. Een woordvoerder van het Witte Huis zegt alleen dat er gesprekken zijn geweest. Maar Iran zegt nu dus tegen Koerden aan de noordwestelijke grens te vechten en een kantoor van de koerden in Noordoost-Irak te hebben aangevallen. Dus dat front moeten we de komende tijd in de gaten houden."
Reuters meldt dat Koerdische milities de afgelopen dagen met de VS hebben overlegd over of en hoe ze het Iraanse leger zouden kunnen aanvallen in het westen van het land. Dat schrijft het persbureau op basis van bronnen "met kennis over dit onderwerp".
Verschillende Amerikaanse media melden dat inlichtingendienst CIA de Koerdische strijders in Irak al voor de huidige oorlog heeft bewapend als onderdeel van pogingen om Iran te destabiliseren.
In Iran zelf is ook een Koerdische oppositie actief, verenigd in de illegale Koerdische partij PJAK. De rol van die organisatie is nog onduidelijk. De ontwikkelingen worden op de voet gevolgd door Turkije, heeft het Turkse ministerie van Defensie laten weten. De PJAK heeft banden met de Koerdische PKK in Turkije. De regering in Ankara is bang dat de veiligheid en stabiliteit in de regio verder onder druk komen te staan.
Een woordvoerder van het Witte Huis zei woensdag dat berichten dat president Trump achter een plan zou staan voor een Koerdische opstand in Iran "compleet onwaar" zijn. Volgens nieuwssite Axios heeft Trump echter wel contact gehad met twee Koerdische leiders in Irak, met het doel Koerdische strijders de Iraanse grens over te sturen.
Het doel van die Koerdische aanval zou zijn om meer ruimte te geven aan Iraniërs om in opstand te komen tegen het regime in Teheran, na de dood van ayatollah Khamenei en te midden van de voortdurende Amerikaanse en Israëlische bombardementen.
Het is niet voor het eerst dat de Koerden in opstand komen in Iran. In het verleden kwamen Koerden zowel in opstand tegen de sjah als tegen de theocratie die er na de Islamitische Revolutie van 1979 op volgde. Het Iraanse leger verwoeste in maandenlange gevechten met Koerdische rebellen na die revolutie Koerdische steden en dorpen en doodde daarbij duizenden mensen.
Gülsah Ercetin, correspondent Turkije:
"Ankara heeft in het verleden altijd fel gereageerd op bewapening van de Koerdische milities. De regering ziet dat als een bedreiging van de Turkse veiligheid. Dat komt natuurlijk omdat Turkije de afgelopen 40 jaar een bloedige strijd heeft gevoerd met de Koerdische PKK. In die strijd zijn 40.000 mensen omgekomen, al lopen er nu in vredesonderhandelingen met de PKK.
Turkije heeft de afgelopen tijd vooral geprobeerd een diplomatieke rol op zich te nemen, maar diplomatie wordt steeds lastiger nu het conflict escaleert in de regio. Zo kwam er gisteren een projectiel neer op Turks grondgebied. De Turkse minister van Buitenlandse Zaken belde direct met zijn collega in Iran en de ambassadeur werd op het matje geroepen.
Tegelijk zeggen de Turken dat ze het recht hebben om te reageren op elke vorm van bedreiging. Inmiddels zegt Iran dat het de soevereiniteit van Turkije respecteert en ontkent het land ook dat het een raket op Turkije heeft afgevuurd.
Turkije houdt intussen rekening met alle mogelijke scenario's. Zo is er ook de vrees voor vluchtelingen, want ze delen een grens met Iran van zo'n 500 kilometer. Turkije heeft tijdens de oorlog in Syrië zo'n vier miljoen Syriërs opgevangen. Dat bracht een enorme druk op de samenleving met zich mee, vooral in de grenssteden. Turkije is bang dat zoiets opnieuw gaat gebeuren."
Uniek VOC-glas uit 18de eeuw geveild in Goes: 'Overtrof mijn stoutste dromen'
5 maart 2026 12:03
In het Zeeuwse Goes is een zeldzaam VOC-glas uit de achttiende eeuw geveild. In december kwam een veilingmeester het kelkglas per toeval tegen tijdens een inboedeltaxatie.
Voor het glas, dat in een kistje bewaard lag, was tijdens de kijkdagen weinig belangstelling. Toch besloot veilingmeester Arno de Jager uit Goes de gok te wagen.
Het bleek een goede zet: het kelkglas is voor een recordbedrag van 50.000 euro onder de hamer gegaan. "Het overtrof alle verwachtingen en stoutste dromen", zegt De Jager tegen Omroep Zeeland.
Dit zijn beelden van het glas:
Het twintig centimeter hoge kelkglas is van de Nederlandse glasgraveur Jacob Sang uit de achttiende eeuw. Het glas werd in opdracht van investeerders van een Nederlands VOC-schip door Sang gegraveerd om uiteindelijk mee te proosten op een behouden vaart.
In het glas staat de tekst "De goede negotie" gegraveerd, samen met een VOC-schip en een Amsterdams pakhuis. "Dat het een bijzonderheid betrof hadden we wel in de gaten, want de kwaliteit spatte er vanaf", zegt De Jager.
Een vergelijkbaar glas van dezelfde maker werd in december in Den Haag voor een prijs van 28.000 euro geveild.
Volgens de veilingmeester stond het meer dan dertig jaar in een dekenkist van een welgestelde Eindhovense familie. Die dacht dat het alleen een rommelkistje zou zijn met wat porselein, oude sieraden en wat glas.
Het glas van de Goesse veilingmeester stond tijdens de online veiling ook internationaal onder grote belangstelling. "Alle telefoonlijnen waren bezet en een hevige biedstrijd brak los", zegt De Jager. "Het begon bij 2000 euro."
Uiteindelijk ging het glas naar een Nederlandse koper, die er dus 50.000 euro voor over had. Waar het glas komt te staan is niet bekend, maar De Jager is ervan overtuigd dat het een bijzondere plek gaat krijgen.


